Zo draag je knitwear

Zo draag je knitwear als het nog te warm is voor een echte trui

Zo draag je knitwear als het nog te warm is voor een echte trui

De lastigste kledingdagen vallen vaak niet midden in de zomer of winter, maar ertussenin. ’s Ochtends is een jas prettig, rond lunchtijd loop je liever in korte mouwen en zodra de zon weg is mis je weer een extra laag. Een dikke trui is dan te veel, terwijl een gewoon T-shirt soms net te weinig doet.

Gebreide kleding hoeft gelukkig niet automatisch zwaar of winters te zijn. Juist fijnere breisels, gebreide polo’s en lichte shirts kunnen goed werken wanneer de temperatuur gedurende de dag blijft wisselen. Het materiaal geeft een outfit bovendien meer structuur, zonder dat je meteen met meerdere dikke lagen hoeft te werken.

Begin met de dikte van het breisel

Niet ieder gebreid kledingstuk houdt evenveel warmte vast. Een zware crewneck en een fijngebreide polo vallen allebei onder knitwear, maar hebben in een outfit een totaal andere functie.

Op een zachte nazomerdag kan een fijngebreid T-shirt of een polo voldoende zijn als enige bovenlaag. De gebreide structuur geeft meer reliëf dan een standaard T-shirt, terwijl korte mouwen voorkomen dat de combinatie meteen winters aanvoelt.

Wordt het later in het seizoen frisser, dan kun je opschuiven naar een crewneck, half-zip of vest. Binnen knitwear vallen dan ook verschillende soorten kleding, van gebreide T-shirts en polo’s tot truien, vesten en modellen met een rits. Daardoor kun je vooral naar het weer en de gelegenheid kijken in plaats van het hele tussenseizoen met dezelfde soort trui proberen op te lossen.

Een gebreide polo vervangt makkelijk het overhemd

Een overhemd kan op een warme dag snel te gekleed voelen, terwijl een gewoon T-shirt voor een diner of informele werkdag juist wat eenvoudig kan zijn. Een gebreide polo zit daar mooi tussenin.

Door de kraag blijft het bovenstuk verzorgd, maar het breisel geeft een zachtere uitstraling dan een strak geweven overhemd. Combineer zo’n polo met een chino of pantalon en nette sneakers en je hebt een outfit die gekleed genoeg is voor een etentje zonder dat hij zakelijk wordt.

Met een jeans verandert dezelfde polo juist richting weekend. Dat maakt dit soort kleding handig wanneer je geen aparte garderobe wilt voor werk, vrije tijd en avonden uit.

Gebruik textuur wanneer je weinig kleur wilt dragen

Een outfit in donkerblauw, beige of bruin kan sterk zijn, maar wordt vlak wanneer alle materialen ongeveer hetzelfde oppervlak hebben. Een breisel brengt vanzelf kleine verschillen in structuur aan.

Een donkerbruine gebreide polo op een beige broek heeft daardoor minder extra’s nodig dan een combinatie van twee volledig gladde stoffen. Hetzelfde gebeurt wanneer je verschillende tinten van één kleur draagt. Navy op blauw of ecru op beige blijft rustig, terwijl het breisel ervoor zorgt dat de kledingstukken niet in elkaar verdwijnen.

Daar hoef je geen opvallende kabelstructuur voor te kiezen. Ook een fijn breisel geeft van dichtbij genoeg verschil. Zeker bij eenvoudige outfits kan materiaal daardoor meer doen dan een print of groot logo.

Maak van één extra laag geen complete winteroutfit

Zodra het ’s ochtends kouder wordt, is de verleiding groot om direct een dikke trui onder een zware jas te dragen. Tegen de middag zit je vervolgens met twee lagen te veel.

Werk liever met kledingstukken die afzonderlijk goed functioneren. Een gebreide polo kan onder een overshirt. Een dunne crewneck werkt onder een licht jack. Een vest kan helemaal open zodra de temperatuur stijgt.

Zo hoef je niet de hele outfit opnieuw te bedenken wanneer het warmer wordt. Je trekt simpelweg één laag uit en houdt nog steeds een combinatie over die op zichzelf klopt.

Een half-zip is om dezelfde reden handig. Met de rits gesloten oogt hij vrij compact, terwijl je de hals opener kunt dragen zodra het warmer wordt. Onder zo’n model is een eenvoudig T-shirt meestal al voldoende; een overhemd is alleen nodig wanneer je bewust een gekledere uitstraling zoekt.

Stem de broek af op hoeveel volume boven zit

Gebreide kleding kan vrij strak en fijn zijn, maar ook losser en zwaarder vallen. Die verhouding zie je terug in de rest van de outfit.

Een fijngebreide polo combineert makkelijk met een nette pantalon of een chino met een scherpe lijn. Bij een grovere trui mag de broek juist iets meer gewicht hebben. Denk aan stevig denim of een wat ruimere broek.

Dat betekent niet dat alles exact in dezelfde pasvorm moet vallen. Een ruimere knit op een rechte broek kan juist mooi zijn. Het helpt vooral om bewust te kijken naar de hoeveelheid stof. Een zwaar bovenstuk, wijde broek én fors jack kunnen samen snel massief ogen.

Laat het weer bepalen welke vorm je kiest

Het handige van gebreide kleding is dat je niet hoeft te wachten tot het echt koud wordt. Op een warme septembermiddag werkt een gebreid T-shirt. Een paar weken later kan een polo met lange broek beter uitkomen en zodra de ochtenden kouder worden, schuif je richting een vest of half-zip.

Daarmee wordt het tussenseizoen minder een periode waarin je iedere ochtend verkeerd gekleed lijkt. Je hoeft niet te kiezen tussen zomer- en winterkleding, maar kunt binnen dezelfde stijl steeds een iets warmere of lichtere variant pakken.

En misschien is dat juist de beste manier om naar knitwear te kijken: niet als één soort wintertrui, maar als een hele groep kledingstukken waarmee je de hoeveelheid warmte en structuur stap voor stap kunt aanpassen. Precies handig voor dagen waarop het weer zelf nog geen duidelijke keuze heeft gemaakt.